Kosmische impuls

Kan een beeld spreken?

Stel je voor dat je voor een tempelmuur aan de Nijl staat. Van boven tot onder zie je vogels, ogen, golvende lijnen, een hand, een zittende man. Alles is zorgvuldig uitgehakt en soms nog in kleur. Je voelt meteen dat hier iets wordt gezegd, maar je weet niet wat. Zo stonden mensen eeuwenlang voor deze tekens. Precies dat ogenblik kent ieder kind dat leert lezen: een bladzijde vol vormen die nog zwijgen. Kan een beeld spreken? In de Vierde Grote Vertelling blijkt het antwoord verrassend: ja, maar alleen voor wie de sleutel leert kennen.

Een muur vol stemmen

Ongeveer vijfduizend jaar geleden begonnen mensen in het dal van de Nijl hun woorden in beelden vast te leggen. Veel later gaven Griekse bezoekers dit schrift de naam ‘hiërogliefen’, heilige inkervingen. Die naam past bij de plekken waar de tekens het meest bewaard zijn gebleven: tempelwanden en graven. Maar ze werden niet alleen in steen gehakt. Ze werden ook geschilderd, en schrijvers noteerden ze met een penseel van riet op papyrus, een schrijfvlak dat eveneens uit het riet langs de rivier werd gemaakt. De Nijl leverde zo niet alleen water en vruchtbare grond, maar ook het materiaal om te schrijven.

Wie goed kijkt, ontdekt dat zo’n teken meer kan dan je op het eerste gezicht zou denken. Soms betekent een afbeelding gewoon wat ze laat zien. Soms staat ze voor een handeling die ermee samenhangt. En soms heeft ze met de afgebeelde zaak helemaal niets meer te maken en geeft ze alleen een klank weer. De uil bijvoorbeeld stond voor de klank ‘m’. Hier gebeurt iets bijzonders: een beeld wordt een geluid. Daarmee is een deur op een kier gezet.

Geen wonder dat schrijvers jarenlang moesten oefenen. Ze leerden honderden tekens en ontdekten dat je een teken vaak pas begrijpt door te kijken naar wat ervoor en erna staat. Namen van koningen en koninginnen werden omlijst door een ovale lus, als een stuk touw dat om de naam heen is gelegd: de cartouche. Kinderen vragen bijna altijd hoe hun eigen naam er zo uit zou zien. En wie scherp kijkt, merkt nog iets op: mensen en dieren in de tekens kijken naar het begin van de regel. Ze wijzen de lezer de weg.

Toch raakte de kennis van dit schrift verloren. Eeuwenlang stonden mensen voor dezelfde muren zonder ze te kunnen lezen. Pas de Steen van Rosetta, waarop één tekst in drie schriften stond, bracht een opening. Met geduldig vergelijkingswerk ontsloot Jean-François Champollion in 1822 de betekenis opnieuw. De stemmen op de muur spraken weer.

Wat nog niet leesbaar is

Voor een kind dat leert lezen, is elke onbekende tekst een beetje zo’n tempelmuur. Het ziet dat er iets staat, maar het kan er nog niet bij. Dat kan frustrerend voelen. Je kunt het kind helpen door dat moment anders te benoemen: nog niet begrijpen is geen falen, het is het begin van ontdekken. Champollion stond ooit precies op die plek. Hij keek, vergeleek, vergiste zich en probeerde het opnieuw. Wanneer je dit met kinderen deelt, krijgt hun eigen worsteling met letters een plek in een groot menselijk verhaal.

Deze vertelling nodigt ook uit tot dankbaarheid. Talloze mensen, van wie we de namen niet kennen, bedachten tekens, leerden ze aan anderen, schreven ze over en bewaarden ze. Zonder hen zou geen enkel kind vandaag een boek openslaan. Je kunt dat heel eenvoudig verwoorden: iemand heeft dit voor ons uitgevonden, en iemand heeft het ons geleerd. Dat is geen plechtige les, maar een stille erkenning die kinderen vaak diep raakt.

En dan is er de schoonheid. De Egyptische tekens zijn niet slordig neergezet; ze staan in rijen, in blokken, in evenwicht. Orde en schoonheid gaan hier hand in hand. Dat mag je ook bij kinderen waarderen wanneer ze letters vormen: zorg en aandacht maken een tekst niet alleen leesbaar, maar ook mooi om naar te kijken. Zo gaat de vertelling rustig verder. Want als een uil een klank kan zijn, waarom zou je dan niet een klein aantal tekens bedenken die alleen klanken zijn? Die vraag leidt naar een eenvoudiger schrift dat later ontstond.

Probeer het samen: Bedenk met je gezin of klas een klein eigen beeldschrift. Kies een teken voor een ding (bijvoorbeeld een huis), een teken voor een handeling (bijvoorbeeld lopen) en een teken dat alleen een klank weergeeft. Schrijf er samen een kort bericht mee en laat anderen het ontcijferen. Praat daarna over wat jullie merkten: welke tekens waren meteen duidelijk, en welke riepen verwarring op? Waarom zou dat zo zijn?

Welke beelden spreken vandaag tot ons zonder één woord? Denk aan verkeersborden, symbolen op verpakkingen of de kleine pictogrammen op een telefoon. Welke begrijp je meteen, en welke heb je ooit moeten leren? Wat vertelt dat over de manier waarop jij, net als de schrijvers aan de Nijl, betekenis leert lezen?